Welkom op Herdenken.TV

Een website van:

Met verhalen de vrede doorgeven...

Door verhalen door te vertellen houden we herinneringen levend. Soms pijnlijk, soms mooi. Verhalen waar het gaat over verlies door oorlogsgeweld zijn verhalen die nooit verloren mogen gaan. Omdat we met deze verhalen de vrede kunnen doorgeven.

365 dagen per jaar

...kan oorlog stoppen...

Kijk eens welk verhaal jou raakt. Jou aanspreekt. Gaat het over de Tweede Wereldoorlog? Of oorlogen nu? Of ver weg? Het maakt niet uit. Oorlog raakt ons allemaal. Oorlog tikt generaties door. Kijk maar… kies een video die jou aanspreekt…

Trailer 2018 Ereveld Vol Leven

Regisseur en producent Dennis Brussaard maakte deze videotrailer uit de honderden video opnamen die in de afgelopen 4 jaar door hem en zijn team zijn gemaakt. Samen met Nathalie Toisuta van Media Luna werkt hij dit spannende en nieuwe herdenkingsconcept uit om te kijken of met het (systemisch) neerzetten van mensen van dezelfde leeftijd bij de graven, de beleving van het herdenken zou versterken. Dankzij de inzet van onze vrienden en partners konden we ieder jaar weer groeien en verder ontwikkelen.

Ten eerste onze partner de Oorlogsgravenstichting. Zij beheren de erevelden met grote zorg en lieten ons toe tot deze bijzondere beladen locaties. Gel Flieringa bedankt voor jouw moed om dit idee te omarmen en Theo Vleugels wat fijn en prachtig dat jij als opvolger (directeur) dit idee direct hebt omarmd!

Helene, Roel, Johan, Henk en alle medewerkers van de Oorlogsgravenstichting: Wat hebben we samen mooie ambities op het gebied van herdenken, jongeren betrekken bij de erevelden en het educatieve traject!

Tina Willekes-Scoon ook geweldig bedankt voor jouw zorgvuldige begeleiding van de nabestaanden. En Morten Hjort voor jouw bijdrage over het secuur inzetten van de systemische principes en Joke Goudswaard voor jouw mooie gedichten en betrokkenheid bij ons wel en wee.

En natuurlijk alle nabestaanden die hun verhaal willen delen maar ook tegelijkertijd een avontuur instappen. Het zijn teveel namen om hier te noemen, maar als je op deze website kijkt zie je allemaal hun betrokkenheid.

Dankzij de grote steun van het vfonds en Nationaal Comité 4 en 5 mei krijgen we budget om al onze plannen en ideeën verder te ontwikkelen. Grote dank hiervoor en natuurlijk aan iedereen die zijn of haar steen(tje) bijdraagt. Zonder dit zou Ereveld Vol Leven nooit ontwikkeld kunnen worden.

Zonder mensen tekort te willen doen: iedereen brengt zijn/haar talenten en inspiratie in en daarom zijn we ervan overtuigd dat Ereveld Vol Leven van ons allemaal is!

Dennis Brussaard

 

 

 

Nationaal Ereveld Loenen bij Apeldoorn

In 1947 besloot de Nederlandse regering de stoffelijke resten van de Nederlanders die in Duitsland waren omgekomen, over te brengen naar Nederland. Deze slachtoffers rustten op vijandelijke bodem en hadden vaak geen behoorlijke begrafenis gehad. Om dit besluit uit te kunnen voeren, begon de Oorlogsgravenstichting in 1948 met de aanleg van een ereveld in Loenen (gemeente Apeldoorn). Op 18 oktober 1949 opende Prinses Wilhelmina het ereveld waar nu bijna 4.000 Nederlanders begraven liggen. Regelmatig vinden hier nog herbegravingen plaats.

Een belangrijk kenmerk van ereveld Loenen is de inrichting. De graven liggen bijna onopvallend verspreid over een bosgebied met een totale oppervlakte van 17 hectare. Hier zijn geen rechte rijen met kruisen, maar graven, ingericht met liggende stenen. Achter elk opschrift schuilt een eigen geschiedenis. Het ereveld Loenen geeft een goed beeld van de verscheidenheid aan slachtoffers van de Tweede Wereldoorlog. Onder hen bevinden zich gesneuvelde militairen, maar ook veel burgers: verzetsstrijders, politieke gevangenen, Engelandvaarders en slachtoffers van de gedwongen tewerkstelling (Arbeitseinsatz) in Duitsland.

Centraal op het ereveld bevindt zich de kapel met een schrijn voor de Gedenkboeken, het wandbord met de namen van Engelandvaarders en enkele urnen met asresten uit concentratiekampen. Sinds de jaren tachtig vormt het ereveld niet alleen de laatste rustplaats voor slachtoffers uit de Tweede Wereldoorlog. Ook militairen en burgers die zijn omkomen tijdens humanitaire en/of vredesmissies worden er (her)begraven.

RTL Uitzending Ereveld Vol Leven 2016

Martijn Krabbé presenteert de eerste documentaire Ereveld Vol Leven uitgezonden door RTL4 op 4 mei 2016.

  • In deze uitzending:
  • Het verhaal van Timo Smeehuijzen (VN vredesmissie)
  • Het verhaal van Mark Leijsen (VN vredesmissie)
  • Het verhaal van Johannes Ter Morsche (Tweede Wereldoorlog)
  • Uitleg Ereveld Vol Leven

Jan le Griep

Op Nationaal Ereveld Loenen liggen ook de slachtoffers van de verzetsgroep Nederland voor Oranje. Jan le Griep is de commandant van deze Haagse afdelings-verzetsgroep. Hij is ook een jonge vader van drie kinderen. Helaas is er in de verzetsgroep een collaborateur geïnfiltreerd. De groep wordt dan ook verraden. De vrouw van Jan le Griep heeft vanaf het eerste moment geen goed gevoel bij deze man omdat hij nooit aardig is tegen de kinderen. De familie van Jan le Griep vertelt dat hij vanuit de gevangenis briefjes naar zijn familie weet te smokkelen waarin hij hen vertelt hoe hij ze mist. En ook hoe hij hen opdracht geeft om goed voor elkaar te zorgen.

De leden van de groep die zijn opgepakt worden ter dood veroordeeld en op 26 oktober 1942 gefusilleerd. In zijn afscheidsbrief vraagt Jan om voor hem te bidden en vertelt dat zijn laatste beeld dat van zijn vrouw en kinderen zal zijn: “Papa wacht op jullie in de hemel”.

Jan le Griep is dan 29 jaar. Zijn familie vertelt ons hoe groot de impact is geweest op het gezin dat achterbleef. Zijn dochter is 3 jaar wanneer Jan wordt gearresteerd. Zij vertelt ons nu dat zij hartstikke trots is op haar vader en dat zij het zo erg vindt dat hij verraden is. Ook maakt zij zich ernstig zorgen over hoe er nu met vluchtelingen wordt omgegaan. “Ze hebben er niets van geleerd “.

Wanneer haar zoon (44 jaar) de oproep voor representanten van Ereveld Vol Leven ziet, meldt hij zich aan om achter het graf van zijn 29 jarige opa te gaan staan. Als groot eerbetoon.

 

 

Trailer Ereveld Vol Leven 2015

Het begon met een leeg ereveld in Loenen bij Apeldoorn. Op een mooie zomerse dag in 2014. Een ereveld waar grafstenen liggen langs een meanderend pad door een prachtig bos. Stenen waaronder de stoffelijke resten begraven liggen van bijna 4.000 Nederlanders omgekomen door oorlogsgeweld. Een plek die bijna een jaar later de locatie zou worden voor een nieuwe vorm van herdenken. Maar dat wisten we toen nog niet.

Dit verhaal Ereveld komt tot leven – laat zien welke weg er vanaf die bewuste zomermiddag heeft plaatsgevonden tot een Ereveld vol Leven nu. De zoektocht of dit wel kon? Of dit mocht? Mensen symbolisch tot leven brengen door hen weer terug te plaatsen achter de grafstenen in de leeftijd waarin zij ook gegaan zijn.

Leendert Schijveschuurder

Al op jonge leeftijd sluit de Joodse Leendert Schijveschuurder zich aan bij de CPN, de Communistische Partij Nederland en verricht hij verzetsactiviteiten tijdens de bezetting. Hij is onder andere betrokken bij het enige massale, openlijke protest tegen de Jodenvervolging in Europa: de Februaristaking van 25 februari 1941.

Begin maart worden nieuwe plannen voor een staking gesmeed. Tijdens het opplakken van pamfletten waarin wordt opgeroepen tot deze nieuwe staking op 6 maart 1941, wordt Leendert op 5 maart betrapt. Hij raakt gewond, kan niet vluchten en wordt gearresteerd. Op 6 maart 1941 sterft hij, als eerste Nederlandse staatsburger én verzetsstrijder, voor een Duits vuurpeloton.

 

 

Echtpaar Wijler

Aan de rand van het ereveld op Loenen liggen twee graven van een joods echtpaar, Jacob Samuel Wijler (1884) en zijn vrouw Elisabeth Rosa Wijler-Kolthoff (1887).  Tot 1940 vormen zij samen met hun twee dochters Martha Rose (1919) en Rose Helena (1922) een gewoon Apeldoorns gezin. De beëindiging van Jacob’s dienstverband als docent Frans aan de Koninklijke HBS in november 1940 als gevolg van de joden vervolging markeert het begin van een reeks tragische verliezen die voor dit gezin volgen.

In de zomervakantie in 1942 duikt de familie onder om aan arrestatie en deportatie te ontkomen. Hun vrijheid geven ze op, thuis, vermogen en bezittingen laten ze achter. De beide zusjes vinden onderdak aan de Bosweg in Apeldoorn, Jacob en Elizabeth kunnen terecht bij een adres in Epe aan het Apeldoorns Kanaal. Wat er overblijft van het gezinscontact zijn geschreven brieven over en weer. Daarmee houden zij elkaar op de hoogte van hoe het hen gaat tot deze briefwisselng plotseling in januari 1943 stopt. Na enkele weken stilte krijgen de ouders in februari de tragische boodschap dat hun dochters Martha Rose en Rose Helene als gevolg van verraad uit eigen kring, door de Duitsers zijn opgepakt en weggevoerd naar Westerbork.

Vanaf dat moment heeft het leven voor het echtpaar Wijler geen zin meer; het dierbaarste wat zij hebben is hen afgenomen. Op 2 maart van dat jaar laat het echtpaar hun trouwringen met een afscheidsbriefje achter op hun onderduikadres, lopen gezamenlijk het Apeldoorns kanaal in en verdrinken. Ze worden dagen later levenloos in het water gevonden. Het verlies van dit gezin is totaal, het antwoord van deze ouders op de wreedheid van de oorlog is resoluut, tragisch en onomkeerbaar.

Jacob en Elisabeth worden in 1943 op verschillende begraafplaatsen anoniem begraven. In 1958 worden hun namen op de graven geplaatst, hun identiteit wordt weer zichtbaar, het verhaal komt tevoorschijn. In augustus 2002 werden zij naast elkaar herbegraven op het Ereveld in Loenen.

 

 

Mark Leijsen

Mark Leijsen

Zoals veel vaders vond Mark Leijsen het heerlijk om uit zijn werk naar zijn gezin te gaan. Het kon bij hem echter maanden duren voor hij weer thuiskwam.

Zijn leven ademde het leger. Mark hechtte enorm aan de collegialiteit die hij in het leger vond en was graag bij zijn bataljon die hij ‘zijn mannen’ noemde. Na Srebrenica (1994) en Afghanistan (2006) begon hij in 2009 aan zijn derde missie, wederom in Afghanistan. Zijn taak was het coachen van Afghaanse militairen tijdens operaties en trainingen. Op 7 september 2009 reed hij in een open terreinwagen in de buurt van Tabar, zo’n negen kilometer van kamp Holland. In zijn gezelschap bevonden zich een Afghaanse tolk en drie collega-militairen. En dan gaat het mis.

Een bermbom maakt bruut een einde aan zijn leven en verwondt de overige inzittenden van het voertuig. Mark Leijsen wordt op 14 september 2009 met militaire eer op het ereveld in Loenen begraven. Hij werd 44 jaar. Zijn zoon was toen 16 jaar.

Mark is de 21e Nederlandse militair die tijdens een vredesmissie omkwam. Zijn vrouw Lucienne merkt een groot verschil in reacties op de dood van militairen tijdens vredesmissies vergeleken met de gesneuvelden tijdens de tweede wereldoorlog. Alsof zijn vrijwillige keuze om voor vrijheid en vrede te vechten hun verlies minder heftig maakt dan het verlies van nabestaanden van mensen die zijn omgekomen tussen 1940 en 1945. Dit komt pijnlijk naar voren rondom de dagen van 4 mei waarin er discussies ontstaan wie er herdacht moeten worden. Bij de Nationale Dodenherdenking van het Nationaal Comité 4 en 5 mei worden alle slachtoffers van oorlogsgeweld herdacht.

Lucienne en Nick werken graag mee aan het project Ereveld Vol Leven. Daarmee laten zij zien dat het eren van gevallenen de tijdsvakken in onze geschiedenis doet samenvloeien. Dat het niet uitmaakt waar of wanneer iemand sneuvelde. De nabestaanden rouwen en dragen dat verlies iedere dag bij zich. Vrijheid is van alle tijden, van alle landen, van alle mensen.

Familie Smink

De Vrijheid te vroeg gevierd…

In de documentaire niet alleen het verhaal van twee gezinnen die getroffen worden in de begin dagen van de oorlog maar ook het verhaal van twee gezinnen die getroffen worden aan het eind van de oorlog; één dag voor de bevrijding in Amersfoort.

Tijdens een bezoek aan het ereveld in Loenen vielen ons de graven op van Smink. Het waren er drie op een rij met dezelfde familienaam en sterfdatum, en verschillende leeftijden; 53 jaar, 22 jaar en 17 jaar. Tegenover deze graven lag nog een graf met ook diezelfde sterfdatum. Wij vroegen ons af wat daar gebeurd was ?

Tijdens het gesprek met Roel Boers (beheerder van het Ereveld) kwam het bijzondere verhaal ter sprake. Het verhaal van twee families die overburen waren in de oorlog, op dezelfde dag slachtoffer zijn geworden van represailles door de Duitse soldaten. Bijzonder was ook dat de respectievelijke graven van omgekomen familieleden aan wederzijdse kanten van een en hetzelfde pad lagen op Ereveld. Ook in ruste zijn zij overburen.

Hun verhaal:

Het leek even alsof deze families redelijk ongeschonden de oorlog zouden overleven. Als onderdeel van een kleine gemeenschap dat in de laatste dagen voor bevrijding in een gebied bevond dat later werd bestempeld als ‘niemandsland’; een strook land nabij Amersfoort, tussen de nog door Duitse soldaten bezette oude Grebbelinie en het reeds door Canadezen bevrijd gebied waarop de boerderijen van betrokkene families zich bevonden.

Op 20 april 1945 waren de Canadezen het erf van de familie Braam op gereden. De 29-jarige Jan Braam was een verzetsman van het eerste uur. Hij had de hele oorlog onderduikers gehad en was ontzettend blij dat hij de tijd van angst voor ontdekking of verraad achter zich kon laten. Hij bood de Canadezen aan om met zijn verzetsgroep hulp te bieden bij de aankomende bevrijding van Amersfoort.

Op maandag 23 april kwamen echter twee Duitse soldaten het erf van Braam op, het spoor van de Canadezen volgend, om het huis te doorzoeken. In huize Braam waar nog steeds de onderduikers waren verscholen, brak de paniek uit en werden de beide Duitse soldaten doodgeschoten. Het gevolg – meer Duitse soldaten die de boerderij omsingelden en op zoek gingen naar de onderduikers en … op zoek waren naar vergelding. Er brak nog meer paniek uit in de buurt bij het geluid van geloste schoten, handgranaten die werden gegooid, de boerderijen die in brand worden gestoken en het vee wat uitbreekt en geen kant op kan.

Op de boerderij van Braam sneuvelden vijf man van de verzetsgroep – een familie lid van Smink weet ons te melden dat een aantal van deze mannen met de witte verzetsbanden reeds om hun arm, later zo dood aangetroffen werden. De bevrijding was te vroegtijdig gevierd.

In de nasleep van de consternatie op boerderij Braam, werden ook de boerderijen van de families Brouwer (van Anton Brouwer 40 jaar) en familie Smink (Hendrik 53 jaar) Smink, betrokken.

De dochter van Anton Brouwers, Ida – toen 5 jaar oud – deelt haar verhaal;

Ze waren jong maar Ida weet nog te vertellen hoe hun boerderij in brand werd gestoken. Haar vader, Anton Brouwer ( 40 jaar ), werd opgedragen om een kar (een kaasbrik) uit de schuur te halen en daar de twee dode Duitse soldaten op te leggen. Ida herinnert zich nog dat haar vader op sokken liep, hij had geen tijd gekregen om zijn schoenen aan te trekken. Het was de laatste keer dat zij hun vader in leven zagen; hun vader op sokken de kar voorttrekkend met de twee lijken achter zich, via de laan waar de boerderijen stonden naar de Hooglandseweg. Er waren geen paarden want al het vee was bij de brandstichting alle kanten op gerend.

De Familie Smink:

Het drama was nog niet voorbij op deze 23ste april 1945 want aan de overkant van de weg, bij de overburen familie Smink, speelde zich nog een tragedie af.

Met alle brand, paniek en vluchtende mensen, werd de familie Smink uit hun boerderij gesommeerd – vader Smink (Hendrik (53 jaar), moeder Smink, hun vier dochters, en drie zonen Bertus (22), Henk (17) en Wim (14).

Wim Smink was 14 jaar op die dag waarop hij in één klap zijn vader en zijn twee oudere broers van 17 en 22 jaar verloor. “Doodgeschoten voordat zij bij het tuinhek waren “. Als represaille van de Duitse soldaten voor het doodschieten van de 2 jonge Duitse soldaten aan de overkant van de straat.  Als Wim Smink dit verhaal deelt biggelen de tranen over zijn wangen alsof hij weer 14 jaar is in plaats van 86 jaar;

“ Mijn vader, mijn familie zat niet in het verzet “, vertelt Smink.

Natuurlijk heerst er ook bij de familie Smink paniek; de jongens willen vluchten, zich ergens verstoppen maar moeder Smink meent dat zij niets te verbergen hebben; geen onderduikers, geen verzet en dus geen reden om te vluchten. Vluchten zou gelijk kunnen staan als schuld bekennen.

Op het moment dat de Duitse soldaten op zoek zijn naar de onderduikers schreeuwen zij dat iedereen naar buiten moet komen. Zij stormen de boerderij van Smink binnen en de familie, vader Hendrik, broers Bertus en Henk, Moeder Smink, de vier dochters en Wim (14 jaar) worden meegenomen tot aan de weg.

Wim Smink raakt geëmotioneerd als hij hierover vertelt. Hij was tenslotte 14 jaar, kan de beelden nog voor zich zien van hoe dit drama zich voltrok.

“Wij moesten allen met de handen omhoog naar buiten komen en naar de weg lopen. Toen kreeg mijn moeder het bevel om met mijn zussen en met mij, terug naar het huis te gaan.

Voordat wij bij de voordeur waren, waren de schoten al gelost en waren mijn vader (53), Bertus (22) en Henk (17) dood “.

De volgende dag op dinsdag 24 april 1945 werd Amersfoort en omringend gebied bevrijd. Op 27 april vertelt Wim Schmink, stonden er elf kisten in de kerk. Drie kisten waren van zijn familie.

Er was natuurlijk bevrijding maar er was ook heel veel verdriet. Wim Smink vertelt over zijn moeder die na deze dag slechts 2 jaar nog heeft geleefd. Zij kon dit niet verwerken, vertelt Smink ons. Haar man en twee zonen zo verliezen. Eigenlijk huilde ze elke dag opnieuw, je zou kunnen zeggen dat zij aan een gebroken hart is gestorven.

Smink raakt opnieuw geëmotioneerd als hij vertelt over zijn moeder. En over zijn gemis, hoe hij het zijn ouders gegund zou hebben dat zij konden zien dat het uiteindelijk goed is gekomen met hun kinderen.

De oorlog had door de gebeurtenissen van 23 april een behoorlijke nasleep bij deze familie. Een van de zonen was afwezig toen dit gebeurde. Vanaf het moment van zijn terugkeer, Gijs was toen 16 en zeker na het overlijden van moeder Smink 2 jaar later, nam Gijs de zorg voor de boerderij op zich. Zus Marleen, 15 jaar, nam de verantwoording voor het gezin. Wat bestond uit 7 kinderen.

Wanneer ze iets niet wisten, konden zij altijd terecht bij de buren en de overburen voor advies en steun. Zo kwam Marleen regelmatig moeder Brouwer raadplegen over huishoudelijke zaken.

Smink zegt – het waren hele zware tijden. Wij hadden geen honger, als boeren was er altijd voldoende te eten. Verder hadden wij echter niets.

Nadat vader en broers waren omgebracht, kon moeder Smink bij de gemeente wekelijks 5 gulden ophalen. Als financiële ondersteuning voor haar gezin. Op een moment vroeg ze of dat geen 10 gulden kon worden – zij waren tenslotte met zo velen, ze kon het er niet mee redden. Het ontvangen van die 10 gulden duurde maar kort. Na het overlijden van moeder Smink, ging broer Gijs het geld ophalen. Tevergeefs.

Als moeder Smink niet meer leefde, had zij het geld ook niet nodig kreeg hij te horen.

De kinderen konden het hiermee doen. En hebben het er ook uiteindelijk mee gedaan. En goed ook.

Wim Smink kocht op zijn 24e zijn eerste eigen tractor. Daarna is hij met altijd veel en hard werken heel succesvol geworden. Hij is nu 86 jaar en werkt nog steeds hard. Is zuinig, gooit geen eten weg, vindt familie het allerbelangrijkst wat er is.

“Ik heb altijd met mijn kinderen gewerkt “, vertelt hij ons. “ En dat zal ik altijd blijven doen. Ik stop pas met werken als ik doodga, niet eerder “.

Familie is belangrijk. Het allerbelangrijkst. Onze kinderen en kleinkinderen wonen allemaal in de buurt, zijn allen zijn betrokken in de verschillende bedrijven waar Wim Smink eigenaar van is.

Wat opvallend en bijzonder was bij beide verhalen was de blijvende verbondenheid die deze mensen uitspraken. Hun verbondenheid met Dodenherdenking ieder jaar op 4 mei, hun verbondenheid met hun toenmalige buren. In 1945 en in de jaren daarna zochten ze steun en hulp bij elkaar.

Ondanks de gebeurtenissen van 23 april 1945, vertelt Ida, de dochter van Anton Brouwer, dat wat zij zich herinnert vals haar moeder over de Duitse soldaten sprak, zij zei: ‘Die jongens zijn ook maar gestuurd …’

Nadat hun vader op die dag verdween zou het ongeveer nog zes weken duren voordat zij duidelijkheid kregen over het lot van hun vader. Anton Brouwer keert niet terug bij zijn gezin. Zijn lijk wordt gevonden door een patrouille van de Binnenlandse Strijdkrachten, niet ver van de plek waar de Duitse soldaten bij de Schans zijn begraven.

 

Ida kwam met haar zus naar de herdenking Ereveld Vol Leven en moesten beide huilen toen zij de man zagen die dezelfde leeftijd had als hun vader. ‘Mag ik iets tegen hem zeggen ? “ vraagt Ida ons. Natuurlijk antwoordde wij. “Papa ik heb je zo gemist, elke dag… ‘. Ook deze oudere vrouwen werden weer kleine meisjes toen zij bij het graf van hun vader stonden.

 

Wim Smink kon het niet aan om naar Ereveld Vol Leven komen. Hij vond het een mooi project, belangrijk dat herdenken wordt geborgd. Hij en zijn (klein)kinderen gaan elk jaar naar de dodenherdenking in Hoogland, waar de namen van zijn vader en broers op het monument voor de gevallenen in Hoogland staan vermeld.

Wel mogen wij zijn verhaal vertellen, mensen opstellen bij de graven van zijn vader en broers; en hij was erg benieuwd naar het resultaat. Al 2 jaar lang staan er mensen achter de graven van zijn vader en zijn twee broers. Precies in de leeftijd die overeenkomt: 53 jaar, 22 jaar en 17 jaar. Maar Wim Smink kon of durfde niet te komen. Voorzichtig informeerde wij of hij zijn kinderen had vertelt over ons gesprek maar dat had hij niet gedaan. Wij lieten het zo en durfden niet aan te dringen. Deze man was al zo breekbaar en had al zoveel meegemaakt.

Tot wij in 2017 een mailtje kregen op onze oproep voor representanten voor de herdenking van 1 mei 2017. Het was een bericht van de kleinkinderen van de familie Smink die aangaven dat zij dat jaar zelf heel graag achter de graven wilde staan. En zij hadden precies de leeftijden die nodig waren. Wij hebben bevestigd dat zij meer dan van harte welkom zijn. Zij hebben al hun familie uitgenodigd en inmiddels komen er meer dan 30 familie leden. Wim Smink is er niet bij – hij ligt in het ziekenhuis en het gaat niet goed met hem. Maar wij moesten denken aan zijn woorden bij ons gesprek 2 jaar geleden, dat hij het zo jammer vond dat zijn ouders nooit hebben geweten dat het allemaal goed gekomen is.

Op maandag 1 mei 2017  waren de graven van de familie Smink gevuld met levens van de familie Smink en kwamen er ruim 30 nakomelingen hun eer betuigen. Misschien dat er ergens in de hemel – als deze bestaat, er twee mensen meekijken. Een ereveld vol leven. Levens van de familie Smink.

De familie Smink heeft laten weten dat zij op 4 mei 2018 weer aanwezig zullen zijn bij de graven van hun dierbaren.

Research en redactie: Tina Willekes Scoon

 

 

Student Han Gelder

Wat zou jij doen als jouw zoon/dochter in verzet komt? Steunen, meewerken, uit zijn/haar hoofd praten…

Han Gelder is student wanneer de oorlog uitbreekt. Hij besluit actief in verzet te komen. Een ding weet hij zeker, als hij in handen dreigt te vallen van de Duitsers, zal hij zichzelf van het leven beroven. Op 21 januari 1944 komt Han oog in oog te staan met iemand van de Sicherheitsdienst. Bang om de verhoren niet aan te kunnen, schiet hij zichzelf door het hoofd. Han was 24 jaar.

Op Ereveld Loenen herinnert een witte steen aan de man die het studentenverzet organiseerde, joden hielp en een illegale krant begon. In augustus 2017 bezochten eerstejaars Minerva-studenten tijdens de ontgroening het Nationaal Ereveld Loenen en maakten kennis met het verhaal van Han, een student met dezelfde dromen en ambities als zij. Hoe anders zou zijn leven lopen.

Timo Smeehuijzen

Timo Smeehuijzen

De Amsterdammer Timo Smeehuijzen besloot op 19-jarige leeftijd bij de Nederlandse landmacht te gaan dienen. Hij wilde iets anders, na een jaar sport & management aan de HES te hebben geprobeerd. De landmachtdagen maakten hem enthousiast voor het leger, wat hij zag als een tussenstap in zijn maatschappelijke carrière. Een vrolijke, ondernemende jongen, dolverliefd op zijn vriendin Melody, vond bij de landmacht zijn club. Een hechte groep kerels, vastberaden om iedere klus te klaren.

Zijn keus om naar Afghanistan te gaan leidde eerst tot gefronste wenkbrauwen bij zijn ouders, Ruud & Karin. Door zijn vastberadenheid gaven ze hem echter hun onvoorwaardelijke steun.

Timo en zijn maten werden geplaatst in de provincie Uruzgan. Hij ging aanvankelijk mee omdat hij vond dat hij anders zijn maten in de steek liet. Tijdens de missie meldde hij het thuisfront welk mooi werk de militairen daar deden. Hij vertelde over de kinderen in Tarin Kowt “die al moesten werken zodra ze konden lopen”. Misschien dat hij daarom geen gelegenheid voorbij liet gaan om met de kinderen te spelen.

Op 15 juni 2007, tijdens een patrouille in diezelfde plaats Tarin Kowt, bracht een zelfmoordterrorist een bomauto vlakbij het pantservoertuig van Timo tot ontploffing. Zijn ouders ontvingen enkele uren later, vlak voor de uitzending in het avondjournaal, het bericht van zijn dood.

De aanslag kostte ook zeven kinderen uit de lokale gemeenschap het leven. Drie Nederlandse militairen raakten gewond. Zijn kameraden van het 42ste bataljon Limburgse Jagers droegen drie dagen later de kist, met daarover de Nederlandse vlag gedrapeerd, naar het vliegtuig dat hem bij zijn ouders, zijn zusje Laura en zijn vriendin terugbracht.

“Door zijn overlijden weet je weer wat vrijheid is. Het herdenken op 4 en 5 mei is er door gaan leven” zegt zijn vader. Op zijn sterfdag bezoekt zijn moeder trouw het ereveld. Dagelijks herdenkt zij hem bij de aanblik van een vlinder, een mooie zonsopkomst of de dauw op het gras.

 

Familie ter Morsche

Marie

“Wij waren kinderen van zware criminelen. Verwerpelijk, slecht en niets waard.”

Eindeloos liepen Marie en haar broertje Arnold door de straten. Ze had haar broertje vast aan haar hand, want hij liep steeds weg op zoek naar vader en moeder. Ze waren plotseling uit hun leven gerukt.  De angst van Marie was groot. Hoe kan ze voor haar broertje zorgen? Wat kan zij doen om haar ouders weer vrij te krijgen? Ze kwamen aan bij de gemeente. Ze wilden graag een ‘Reisepas’ aanvragen. “We hebben familie in Nederland, zij wachten op ons.”

HAAR VERHAAL

Met een goed vooruitzicht om naar Nederland te gaan, wisten de kinderen echter niet dat de plannen zomaar zouden worden veranderd. Ze werden gescheiden van elkaar en werden geplaatst in verschillende SS-gezinnen, ter heropvoeding.

“Wij waren kinderen van zware criminelen. Verwerpelijk, slecht en niets waard. Kinderen van de vijand die straf verdienen en heropgevoed moesten worden. ‘Untermenschen’. Zo slecht en onwaardig zouden wij zijn. Op een gegeven moment is dit dan ook het enige wat je nog gelooft over je zelf.”

Afgebeuld, geknecht en voortdurend leven in angst. Marie moest keihard werken. Ook moest ze in uniform bij de Hitlerjugend lopen. Voorop, met een hakenkruis op haar arm, de partijliedjes zingen, de Hitler-groet uitbrengen en vertegenwoordiger zijn van een monster dat haar vader ten dode zou brengen en haar moeder geestelijk kapot zou maken. Ondanks de donkere periode probeerde Marie positief te blijven en het gezin, haar vader, moeder en broertje bij elkaar te krijgen. Alle mogelijke wegen probeerde Marie. Van brieven tot de gemeentes en zelfs Hitler in persoon heeft ze benaderd. Uiteindelijk heeft dit persoonlijk geschreven gratieverzoek ertoe geleid dat de straf van haar moeder met drie maanden werd ingekort.

“Pijn en eenzaamheid, mezelf zo alleen voelen. We hoorden nergens bij. We hadden geen lotgenoten. Niemand wilde ons. In Duitsland behoorden wij tot de staatsvijandelijke criminelen, in Nederland tot de foute kant. Overal werden wij uitgekotst. Nergens waren wij welkom. Teruggekeerd in Nederland waar wij hoopten enige rust weer te vinden, werden wij met de nek aangekeken. Vaak heb ik gewenst om in een kamp terecht te komen en was omgekomen. Dan hadden we tenminste lotgenoten…”

Nooit heeft Marie de zorg voor haar jongere broertje kunnen loslaten. Ook niet wanneer hij in boosheid zei: “Hou daarmee op! Ik ben jouw kleine broertje niet meer!” De oorlog is doorgegeven aan de volgende generaties, want het leeft voort in de nichten van Marie; Sylvia en Monique. De nachtelijke paniekaanvallen, waaraan hun vader leed, een aanhoudend niveau van onrust en spanning, moeite met in contact zijn en zich te verbinden. Hij had verschillende trauma’s overgehouden aan de oorlog.

Ontroerend dankbaar was Marie voor het project Ereveld Vol Leven. Het is belangrijk dat mensen weten wat er is gebeurd. Mensen moeten zich ervan bewust zijn wat oorlog betekent. Monique vond het in eerste instantie erg emotioneel, maar naderhand toch heel positief.

Eerebegraafplaats Bloemendaal

In 2018 is het Jaar van Verzet. Daarom zal Ereveld Vol Leven ook plaatsvinden op Eerebegraafplaats Bloemendaal waar 372 verzetsstrijders werden begraven nadat ze waren omgebracht door de Duitsers.

Deze opnamen zijn door het drone team van Ereveld Vol Leven gemaakt om een beeld te krijgen van de omgeving voor de toekomstige TV opnamen.

Inleiding
Op 5 mei 1945 werd Nederland bevrijd van de nazi’s, die het land vijf jaar lang hadden bezet. Overal werd uitbundig feestgevierd nu men zich verlost wist van de ijzeren greep van de Duitse bezetter. Maar niet iedereen voelde vreugde, want de bezetting had aan veel mensen het leven gekost. In die meidagen werden bovendien nog velen vermist, en betrokken familieleden verkeerden in bange onzekerheid over hun lot.

Fusillades
Al tijdens de oorlogsjaren was bekend dat de nazi’s zonder enige vorm van proces verzetsstrijders executeerden in de duinen. Ook bij Bloemendaal zijn veel mannen – en één vrouw – gefusilleerd. Maar niet bekend was om hoeveel mensen het ging. Ook was niet precies bekend wie er waren omgebracht en wat er met hun lichamen was gebeurd.

Begraafplaats van het verzet
In de zomer van 1945 kon in de duinen van Bloemendaal de trieste balans worden opgemaakt. In 45 grafkuilen, verdeeld over zes verschillende plaatsen, werden de stoffelijke overschotten van in totaal 422 mensen gevonden. Ruim honderd van hen waren in de duinen gefusilleerd, de overigen veelal in Amsterdam, maar ook op andere plaatsen. Sommigen van hen werden in hun persoonlijke omgeving herbegraven, maar het merendeel, 372 slachtoffers, kreeg een eigen graf in de duinen.

 

 

Vader Timo: Ruud Smeehuijzen

Timo Smeehuijzen

De Amsterdammer Timo Smeehuijzen besloot op 19-jarige leeftijd bij de Nederlandse landmacht te gaan dienen. Hij wilde iets anders, na een jaar sport & management aan de HES te hebben geprobeerd. De landmachtdagen maakten hem enthousiast voor het leger, wat hij zag als een tussenstap in zijn maatschappelijke carrière. Een vrolijke, ondernemende jongen, dolverliefd op zijn vriendin Melody, vond bij de landmacht zijn club. Een hechte groep kerels, vastberaden om iedere klus te klaren.

Zijn keus om naar Afghanistan te gaan leidde eerst tot gefronste wenkbrauwen bij zijn ouders, Ruud & Karin. Door zijn vastberadenheid gaven ze hem echter hun onvoorwaardelijke steun.

Timo en zijn maten werden geplaatst in de provincie Uruzgan. Hij ging aanvankelijk mee omdat hij vond dat hij anders zijn maten in de steek liet. Tijdens de missie meldde hij het thuisfront welk mooi werk de militairen daar deden. Hij vertelde over de kinderen in Tarin Kowt “die al moesten werken zodra ze konden lopen”. Misschien dat hij daarom geen gelegenheid voorbij liet gaan om met de kinderen te spelen.

Op 15 juni 2007, tijdens een patrouille in diezelfde plaats Tarin Kowt, bracht een zelfmoordterrorist een bomauto vlakbij het pantservoertuig van Timo tot ontploffing. Zijn ouders ontvingen enkele uren later, vlak voor de uitzending in het avondjournaal, het bericht van zijn dood.

De aanslag kostte ook zeven kinderen uit de lokale gemeenschap het leven. Drie Nederlandse militairen raakten gewond. Zijn kameraden van het 42ste bataljon Limburgse Jagers droegen drie dagen later de kist, met daarover de Nederlandse vlag gedrapeerd, naar het vliegtuig dat hem bij zijn ouders, zijn zusje Laura en zijn vriendin terugbracht.

“Door zijn overlijden weet je weer wat vrijheid is. Het herdenken op 4 en 5 mei is er door gaan leven” zegt zijn vader. Op zijn sterfdag bezoekt zijn moeder trouw het ereveld. Dagelijks herdenkt zij hem bij de aanblik van een vlinder, een mooie zonsopkomst of de dauw op het gras.

Deze video laat zien hoe wij met de nabestaanden hun verhaal opstellen op basis van systemisch werken olv Morten Hjort van Phoenix Opleidingen.

Kaarsjes op Kerstavond op het Russisch Ereveld

Op het Russisch Ereveld in Leusden staken vrijwilligers op kerstavond 865 kaarsen aan om de graven in het licht te zetten. Volgens Remco Reiding van de Stichting Russisch Ereveld liggen deze oorlogsslachtoffers ver van huis begraven en kunnen hun families het graf niet zomaar bezoeken. ‘Dus plaatsen wij dit jaar voor hen een kaarsje.’

Sjors van der Panne op Java

Sjors van der Panne (zelf heeft hij Indische roots) bezoekt voor Ereveld Vol Leven de zeven Nederlandse erevelden waar 25.000 Nederlanders liggen begraven. <Meer lezen, klik hier>

Het Zwijgen van Nederlands-Indië

Trailer van een documentaire die we graag zouden willen realiseren maar waar de nodige middelen nog voor ontbreken.

Videoclip Sjors van der Panne

Op de Nederlandse erevelden maakt Sjors van der Panne een videoclip met Dennis Brussaard.

Scroll to top